home
Iris Boter - korte verhalen, hersenspinsels en andere meetbare hersenactiviteiten van Iris Boter
Teennagels*
De trui*
Een korte wandeling langs zee
Onderweg
Winegums*
De bezem met eigendunk
Bailey's
De huilende vrouw
De tekencursus
Liefde is een leuk ding
De kapotte lamp
Het voorlampje
De tent
Het meisje met de gele jas
Jonathan
Rooie
Drie blikjes bier
Last Christmas
Het drogen der lakens
De botsing
De gebruikte pleister
De deerniswekkende man

De verhalen met een * zijn of worden gepubliceerd
Last Christmas

Annasia staat voor de spiegel in de badkamer met een schaar in haar hand. Met haar ene hand pakt ze een pluk haar beet, met de ander knipt ze het af.
Ze pakt een tweede spiegel en bekijkt zichzelf van achteren, van de zijkant. Nog een plukje eraf. Daar nog een stukje.
De wekkerradio die ze in de badkamer heeft gezet speelt in de sluimerstand steeds negenenvijftig minuten. Kerstliedjes. Top zoveel.
Als hij voor de derde keer ophoudt besluit Annasia dat het klaar is
Ze legt de schaar in het badkamerkastje en spoelt de haartjes in de wasbak weg.
Met koud water wast ze haar gezicht en droogt het zorgvuldig af met de handdoek die over de badrand hangt. Daarna trekt ze een zwarte trui aan en haar schoenen die onder het bed staan.
Mascara, oogpotlood, klein beetje lippenstift. Met een klap trekt ze de voordeur achter zich dicht.

Annasia loopt door de winkelstraat. Grijze lucht, kerstliedjes, lichtjes, mensen, vochtige jassen, sigarettenrook, kinderen, een hond die aan haar been snuffelt en meegetrokken wordt.
Bij lingeriezaak ter Braak staat alleen een vrouw met een rode jas tussen de kledingstukken. Annasia trekt een setje uit het rek en rekent af. Vlak voor ze weer naar buiten stapt bergt ze het plastic tasje onder haar jas op. Dan loopt ze de winkelstraat uit en slaat de Korte Jakstraat in. Bij Café Buitenzicht zijn de ramen in vierkanten verdeeld met een rood lint en er zijn watjes op het raam geplakt. Annasia duwt de deur open en stapt door de zware velours gordijnen naar binnen.
"Graag een warme chocolademelk,  zegt ze tegen de grijze man achter de bar, die haar toeknikt.  Ze loopt door naar achteren. Op de krappe wc laat ze de wc-bril zakken en trekt ze al haar kleren uit. Ze haalt de nieuwe kledingstukken te voorschijn. Met haar tanden breekt ze de kaartjes ervan af en dan trekt ze het setje aan. Haar oude onderbroek en beha stopt ze in het plastic tasje van Ter Braak en dat propt ze achter de stortbak.
"Dank je wel,  zegt ze als ze is gaan zitten aan een tafel bij het raam, waar een warme chocolademelk staat. Over de tafel ligt een rood kleed en er staat een kaarsje te branden. Er zit verder niemand in het café. De radio staat op dezelfde zender als de radio in haar badkamer. Ze vouwt haar handen om de mok. Buiten loopt een man in een pak, zonder jas. Een jongen op een brommer rijdt voorbij met zijn helm onder zijn arm. Een vrouw met twee jengelende kinderen en zware tassen loopt met een vermoeid gezicht langs het café. .

De barman rommelt met de cd’s, belt iemand op om te vragen of de bestelling goed doorgekomen is. Annasia drinkt langzaam de chocolademelk op.
Ze leest een tijdschrift uit de leesmap, bladert het huis aan huis blad door.
Buiten wordt het snel schemerig. Om iets voor vijven komt er een man binnen met een pet op. Hij hangt zijn jas aan de kapstok en zijn pet eroverheen. Als hij aan de bar gaat zitten staat er al een biertje voor hem klaar. Niet lang daarna komen er meer mensen binnen. Mannen diep in hun jas gedoken en shag rokend en vrouwen met geverfd haar die witte wijn bestellen en bakjes pinda’s.
"Wilt u nog wat drinken,  vraagt de barman als hij langs haar tafel loopt.
"Een glas port,  zegt Annasia. Ze breekt een viltje in duizend stukjes.
Als de barman het glas op een nieuw meegebracht viltje zet, komt hij binnen. Hij ziet haar niet meteen. Wikkelt zijn sjaal af, wrijft zijn handen, veegt zijn bril die beslaat schoon. Zijn gezicht als hij haar ziet. Dat moet haar zijn.
"Hoi,  zegt hij als hij naast de tafel staat.

"Hoi,  zegt ze. Zoenen of niet? Ze staat half op, hij gaat half zitten, toch nog zoenen. Lachen.
"Zo,  zegt hij. Hij vouwt zijn handen in elkaar en kijkt naar haar.
"Ja,  zegt zij. Ze draait het glas port om zijn as.
Als de ober komt bestelt hij een kop koffie en zij nog een glas port?
"Ik kon het goed vinden,  zegt hij. "Je routebeschrijving was heel duidelijk."
Ze knikt. "Da’s mooi."
Zwijgen. Hij kijkt naar buiten, zij naar hem, hij naar haar, zij weer naar buiten, naar elkaar. Koetjes. Kalfjes.
"Hapje eten?  vraagt hij als de port en de koffie op zijn.
Ze wandelen naar De Eetkamer. Tafel voor twee, kan nog net.
Hij praat. Zij luistert. Knikt. Glimlacht. Drinkt.

Met haar elleboog probeert ze het licht aan te doen, maar ze mist de schakelaar en ze struikelen in bed. Hij valt boven op haar. Auw. Sorry. Zijn hand onder haar trui. Schoenen die op de grond vallen. Wit lantarenpaallicht. Huid. Warme geuren. Adem. Broek uit. Dekens erover.
Om nul uur nul springt de wekkerradio aan. "Last Christmas  van Wham.
"De stroom is eraf geweest,  zegt Annasia. Hij houdt haar onhandig vast. Het licht is nog steeds uit.
‘t Is op.
Hij gaat op de rand van het bed zitten en trekt zijn sokken aan.
"Zie ik je nog?  vraagt hij. Kijkt niet naar haar.
"We mailen.  Hij heeft zijn broek aan. Veters nog niet dicht.
"Blijf liggen hoor,  zegt hij. Hij kust haar. Ze blijft liggen.
"Ik had me je voorgesteld met lang haar,  zegt hij. "Dag Manuela."
Pas als de voordeur dichtgeslagen is en zij zijn voetstappen niet meer hoort, drukt ze de radio uit.

© Iris Boter